Geplaatst door: 
Verhaal

HEEMAF-werknemers tewerkgesteld in Duitsland

Auteur: 
Henk Kolkman

Tot de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog hoorde de dwangarbeid in de Duitse oorlogsindustrie van miljoenen buitenlanders, waaronder veel Nederlanders. Hun lot werd soms verlicht doordat er een warme band bleef bestaan met het Nederlandse bedrijf, waaruit zij afkomstig waren.

Gedurende de Tweede Wereldoorlog ontstond in de Duitse industrie een nijpend tekort aan arbeidskracht, omdat bijna alle Duitse jongemannen naar de verschillende fronten en bezette gebieden gestuurd waren. Daarom werden miljoenen buitenlanders gedwongen tewerkgesteld. Onder hen waren ongeveer een half miljoen Nederlanders. Tegen het einde van de oorlog werden Nederlandse mannen opgepakt tijdens razzia’s en naar Duitsland gestuurd. Maar tijdens de eerste bezettingsjaren werd  de “Arbeidsinzet” veel  gerichter aangepakt. De Duitse bezetters eisten via de arbeidsbureaux in het voorjaar van 1942 30.000 metaalarbeiders. In dat kader werd op 13 juni 1942 in Hengelo een groot aantal werknemers van Stork, Dikkers en de HEEMAF naar de firma Hanomag in Hannover gezonden. Op 7 januari 1943 volgde een tweede groep, waaronder 38 medewerkers van de HEEMAF (Hengelosche Electrische en Mechanische Apparaten Fabriek). Zij gingen naar een staalgieterij in Wengern bij Hagen in Westfalen. Bij  het HCO zijn tabellen met gegevens van die tweede groep bewaard. Ze werden ’s morgens op de de hoogte gesteld en werden nog dezelfde middags gekeurd. De mannen waren allen ongetrouwd, maar het waren niet allemaal jongemannen: de geboortejaren varieerden tussen 1901 en 1923; de leeftijden lagen dus tussen 20 en 42 jaar. Ook hun vak varieerde sterk, bijvoorbeeld sjouwer, magazijnbediende, draaier, schaver, wikkelaar, kantoorbediende en tekenaar. Volgens de tabellen zou iedereen in zijn eigen vak tewerk worden gesteld. De HEEMAF beschouwde de dwangarbeiders niet als ontslagen en bleef voor hen stortingen in spaar- en pensioenfondsen doen.

De HEEMAF bleef een sterke band met de dwangarbeiders onderhouden. Ondanks de papiernood kwam er een tijdschrift voor “het personeel van HEEMAF te Hannover.” Het eerste nummer van dit HEEMAF-Nieuws verscheen op 15 augustus 1942. Het zestiende en laatste exemplaar is gedateerd op 21 juli 1944.

HEEMAF-Nieuws stak de dwangarbeiders  een hart onder de riem en hield hen op de hoogte van wat er bij HEEMAF gebeurde. Kennelijk had één van de dwangarbeiders een fototoestel meegenomen, want in het HEEMAF-Nieuws werden soms in Hannover genomen foto’s afgedrukt. In het nummer van 7 jun 1943 staan foto’s van een voetbalwedstrijd in Hannover tegen “Tante Pos”. De elftallen en de scheidsrechter zijn keurig in sportkleding gestoken. Zou die van thuis zijn meegenomen of ter plekke zijn georganiseerd ? 

De kopfoto van dit verhaal toont het publiek. De dwangarbeiders zijn keurig gekleed; enkelen dragen een hoed. Een accordeon draagt bij aan de sfeer. 

Omgekeerd lieten de dwangarbeiders van zich horen:

Ook stuurden dwangarbeiders een enkele keer een brief naar de HEEMAF. Daarin is te lezen dat niet iedereen het geplande werk had gekregen en dat ook niet iedereen bij Hanomag in Hannover terecht was gekomen. Een drietal zat in Neumark-Geiseltal (Kreis Querfurt). Daarvan was alleen A. Hilbrink in zijn vak als draaier aan het werk. Zijn collega’s G. Vos en L. Ter Horst deden vies onderhoudswerk in een fabriek voor synthetische benzine. De verdiensten waren zoals in Hengelo was voorgespiegeld. Er werd 9 uur per dag gewerkt: van 7 tot 1700 uur, met tweemaal een half uur schaft. Op zaterdag werd er van 07.00 tot 15.00 zonder schaft gewerkt en ook werd er om de andere zondag gewerkt.

HEEMAF had een “kern” als voorloper van de latere ondernemingsraad. Ook in Hannover was zo’n kern. Meestal sprak men over de “vertrouwensmannen”. Dat waren de heren Smit en Vlake. In december 1942 waren zij enkele dagen op verlof in Hengelo. Ze spraken onder andere met de directie (met name over het probleem van winterkleding), de redactie van HEEMAF-Nieuws en de kern en ze kregen een rondleiding door het nieuwe kantoorgebouw (de nu nog bestaande Locomotief). Mogelijk hebben ze toen ook de bovenstaande advertentie geregeld.

De dwangarbeiders mochten een enkele keer met verlof. Dat werd echter afgeschaft omdat niet iedereen weer naar Duitsland terugging. In dat geval was er geen andere mogelijkheid dan in Nederland onder te duiken. Dat werd Herman Mom (die bij de HEEMAF elektromonteur was geweest) fataal. Hij belandde in het verzet, werd opgepakt en werd op 6 juni 1944 gefusilleerd.

Na 21 juli 1944 verscheen het HEEMAF-Nieuws niet meer. Het laatste nummer geeft een uitgebreid verslag van de viering van het eerste lustrum van de HEEMAF personeelsvereniging op 17 juni 1944. Dat was na de geallieerde landingen in Normandië, dus in de heftigste fase van de oorlog.

Er was censuur, want al in het eerste nummer schreef de redactie dat ze meer moest zwijgen dan schrijven. Grimmig oorlogsnieuws heeft er dan ook nooit ingestaan.  De warme belangstelling van hun werkgever zal de dwangarbeiders goed hebben gedaan. Ze waren niet vergeten; na de oorlog konden ze weer naar huis en naar de HEEMAF.

Zie ook: HEEMAF in de Tweede Wereldoorlog

Bronnen

 

Historisch Centrum Overijssel, Plaatsingsnummer  0464.1:  N.V. Hengelosche Electrische en Mechanische Apparaten Fabriek (HEEMAF) te Hengelo; daarin de inventarisnummers  785 – 786: Tewerkgestelden in Duitsland, 1941-1945.
G.M.Vollenbroek, het tijdschrif Oald-Hengel-2001-nr-5: Ervaringen van een (Stork) dwangarbeider in Hannover.

http://www.eerebegraafplaatsbloemendaal.eu/ 

Reacties